ECLI:NL:RVS:2014:3770
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- B.P. Vermeulen
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Vernietiging boetebesluit wegens onvoldoende motivering en toetsing discriminatieverbod Drank- en Horecawet
De minister legde aan [appellante] een boete van €900 op wegens overtreding van artikel 22, eerste lid, aanhef en onder a, van de Drank- en Horecawet, omdat zij alcoholhoudende drank verkocht in een winkel verbonden aan een benzinestation. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vernietigt deze uitspraak wegens onvoldoende motivering van het besluit op bezwaar.
De Afdeling beoordeelt vervolgens of het verbod op alcoholverkoop bij benzinestations in strijd is met het gelijkheidsbeginsel en het vrije verkeer van diensten binnen de EU. Zij oordeelt dat het onderscheid tussen benzinestations en andere verkooppunten zoals wegrestaurants en supermarkten objectief en redelijk is gerechtvaardigd, mede vanwege verkeersveiligheid en de aard van de bedrijfsvoering.
Voorts stelt de Afdeling vast dat artikel 22 DHW Pro betrekking heeft op de verkoop van goederen en niet op diensten in de zin van de Dienstenrichtlijn, zodat toetsing aan deze richtlijn niet aan de orde is. De rechtsgevolgen van het vernietigde besluit blijven in stand, de boete is terecht opgelegd en de minister wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank en het besluit op bezwaar worden vernietigd, en de Afdeling doet het oordeel dat het boetebesluit terecht is opgelegd in stand.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, het besluit op bezwaar wordt vernietigd, maar de boete blijft in stand.