Uitspraak
200800076/1overwogen dat de gevolgen van een weigering toestemming te verlenen als bedoeld in artikel 8:29, vijfde lid, van de Awb, om kennis te nemen van vertrouwelijk overgelegde documenten waarop in het kader van de Wob een beroep wordt gedaan, in beginsel voor rekening komen van degene die toestemming heeft geweigerd. Verder heeft de rechtbank overwogen dat zij zich alleen een afdoende oordeel kan vormen over de weigering de gevraagde documenten openbaar te maken indien zij kennis kan nemen van die documenten.
200608266/1, aan dat het beginsel dat de gevolgen van een weigering om de rechtbank uitspraak te laten doen op grondslag van vertrouwelijk overgelegde documenten voor risico komen van de partij die de toestemming heeft geweigerd, niet op deze zaak van toepassing is. Volgens [appellant] volgt uit die uitspraak dat, in geval van gelijksoortige informatie, één document volstaat voor een beoordeling. Hij betoogt dat die situatie in deze zaak aan de orde is.
200301656/1), volgt dat de gevolgen van het weigeren van toestemming als bedoeld in artikel 8:29, vijfde lid, van de Awb, in beginsel komen voor degene die de toestemming heeft geweigerd. De rechtbank heeft, gelet op hetgeen hiervoor is overwogen, in hetgeen [appellant] heeft aangevoerd terecht geen grond gezien om een uitzondering te maken op dit beginsel. Het betoog faalt.
200303449/1volgt impliciet dat wanneer in beroep is geweigerd aan de rechtbank toestemming te verlenen als bedoeld in artikel 8:29, vijfde lid, van de Awb maar die toestemming in hoger beroep wel aan de Afdeling wordt verleend, de Afdeling uitspraak doet op grond van de stukken die met een beroep op artikel 8:29 van Pro de Awb zijn overgelegd en het geschil in hoger beroep derhalve ook omvat de weigering van een bestuursorgaan de gevraagde documenten openbaar te maken. Uit de uitspraak van 4 augustus 1998 in zaak nr. H01.97.0362; (AB 1998, 421) volgt dat die toestemming ook ter zitting kan worden verleend. Nu [appellant] ter zitting van de Afdeling van 11 januari 2010 toestemming heeft verleend aan de Afdeling om kennis te nemen van de stukken die de staatssecretaris heeft geweigerd openbaar te maken, staat tevens ter toets of die weigering terecht is.