Uitspraak
200604201/1) komt de vraag of voor de uitvoering van een project een ontheffing of vrijstelling nodig is op grond van de Flora- en faunawet, en zo ja, of deze ontheffing of vrijstelling kan worden verleend, aan de orde in een eventueel te voeren procedure op grond van de Flora- en faunawet. Dit doet er niet aan af dat het college geen vrijstelling voor een project kon verlenen voor zover het op voorhand in redelijkheid ervan moest uitgaan dat de Flora- en faunawet aan de uitvoerbaarheid ervan in de weg zou staan. Voorts moet, zoals eveneens in voormelde uitspraak is overwogen, niet ieder plan dat tot gevolg heeft dat een beschermde diersoort zich moet aanpassen aan de veranderde omgeving reeds daarom worden aangemerkt als een opzettelijke verontrusting in de zin van de Flora- en faunawet.
200604253/1merkt de Afdeling op dat de stichting echter geacht wordt te hebben berust in het besluit op bezwaar van 22 mei 2006. Het besluit van 5 februari 2008 is dan ook geen nieuw besluit op haar bezwaar, maar een nieuw besluit op de bezwaren van [appellanten sub 2] en de bewonersvereniging, waarvan het college een afschrift aan de stichting heeft gezonden. De stichting heeft ter zitting medegedeeld ermee in te stemmen dat haar beroepschrift en haar toelichting daarop ter zitting, worden opgevat als steunbetuiging aan de beroepschriften van [appellanten sub 2] en de bewonersvereniging.