ECLI:NL:RVS:2006:AZ4321
Raad van State
- Hoger beroep
- J.E.M. Polak
- A.W.M. Bijloos
- C.W. Mouton
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om verlening akte van opsporingsbevoegdheid aan particuliere parkeercontroleurs
Het dagelijks bestuur van Stadsdeel Oud-Zuid verzocht de Minister van Justitie om voor particuliere parkeercontroleurs een akte van opsporingsbevoegdheid te verlenen. De Minister wees dit verzoek op 4 september 2003 af, omdat niet voldaan was aan het noodzaakcriterium uit artikel 4 van Pro het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar (Bbo). Tevens ontbrak de instemming van de lokale driehoek, een belangrijke voorwaarde voor dergelijke verleningen.
Na een gedeeltelijke afwijzing van het bezwaar door de Minister en een ongegrondverklaring van het beroep door de rechtbank Amsterdam, stelde het dagelijks bestuur hoger beroep in bij de Raad van State. Het dagelijks bestuur betoogde onder meer dat de Minister ten onrechte verwees naar een beleidsbrief die niet op juiste wijze was bekendgemaakt en dat het advies van de Hoofdofficier van Justitie ondeugdelijk was.
De Raad van State oordeelde dat de inhoud van de beleidsbrief wel degelijk relevant is en dat de Minister terecht grote waarde mocht hechten aan het advies van de lokale driehoek, die bekend is met de lokale situatie en toezicht houdt op de uitvoering. Het dagelijks bestuur had onvoldoende aannemelijk gemaakt dat het advies ondeugdelijk was of dat de noodzaak van particuliere buitengewoon opsporingsambtenaren was aangetoond.
Daarom bevestigde de Raad van State het besluit van de Minister en de uitspraak van de rechtbank. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit van de Minister om het verzoek om opsporingsbevoegdheid af te wijzen wordt bevestigd.