ECLI:NL:RVS:2005:AT9690
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- S.F.M. Wortmann
- M.A.A. Mondt-Schouten
- Rechtspraak.nl
Vaststelling geboortedatum in gemeentelijke basisadministratie na buitenlandse rechterlijke uitspraak
Het college van burgemeester en wethouders van Utrecht weigerde de geboortedatum van de zoon van de verzoeker te wijzigen in de gemeentelijke basisadministratie van 25 februari 1991 naar 25 februari 1986, ondanks een Turks vonnis dat deze wijziging ondersteunde. De rechtbank Utrecht oordeelde dat het college ten onrechte had geweigerd en gaf de verzoeker gelijk.
In hoger beroep stelde het college dat het Turkse vonnis niet gebaseerd was op betrouwbare, objectieve gegevens en dat de Nederlandse openbare orde zich verzette tegen de erkenning van de geboortedatumwijziging. De Raad van State stelde vast dat het Turkse vonnis onvoldoende onderbouwing bood, met name door het ontbreken van medisch bewijs en onduidelijkheid over de gebruikte grafieken.
De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigde daarom het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep van de verzoeker ongegrond. Het college handhaafde daarmee de oorspronkelijke weigering. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van de verzoeker wordt ongegrond verklaard en de geboortedatumwijziging wordt geweigerd.