ECLI:NL:RVS:2004:AR2899
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- J.E.M. Polak
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ongeldigverklaring kentekenbewijs samengesteld voertuig na beroep
De zaak betreft het ongeldig verklaren van een Nederlands kentekenbewijs dat was afgegeven voor een samengesteld voertuig van het merk Rover, geïmporteerd uit het Verenigd Koninkrijk. De Dienst Wegverkeer had het kentekenbewijs ongeldig verklaard omdat het voertuig was samengesteld uit hoofdonderdelen van drie verschillende voertuigen, terwijl het Britse kentekenbewijs dit niet vermeldde.
De rechtbank Utrecht had het beroep van de eigenaar gegrond verklaard en het besluit van de Dienst Wegverkeer vernietigd, omdat onvoldoende was komen vast te staan dat het ter keuring aangeboden voertuig niet overeenkwam met het voertuig vermeld op het Britse kentekenbewijs. De Dienst Wegverkeer ging hiertegen in hoger beroep.
De Raad van State oordeelt dat de rechtbank terecht heeft overwogen dat de datum van eerste toelating in beginsel moet worden vastgesteld op basis van het Britse kentekenbewijs, tenzij blijkt dat het voertuig wezenlijk anders is dan vermeld. De Raad wijst erop dat de Dienst Wegverkeer ten onrechte heeft aangenomen dat geen wijzigingen aan het voertuig bij het DVLA bekend waren. De Mededeling van de Europese Commissie is niet uitgesloten voor samengestelde voertuigen.
Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. De Dienst Wegverkeer wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten aan de wederpartij.
Uitkomst: Het hoger beroep van de Dienst Wegverkeer wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.