ECLI:NL:RVS:2004:AO3954
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- B. van Wagtendonk
- M. Vlasblom
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens aanvang 48-uurs-termijn
De minister wees een aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit. De minister ging in hoger beroep bij de Raad van State.
De kern van het geschil betrof de vraag wanneer de 48-uurs-termijn aanvangt waarbinnen een aanvraag in een aanmeldcentrum kan worden afgewezen. De minister stelde dat het opnemen en vergelijken van vingerafdrukken met het NRI-bestand en het administratief voorbereiden van een leeftijdsonderzoek geen start van deze termijn betekende.
De Raad van State oordeelde dat het onderzoek bij de NRI en de administratieve voorbereidingen beheersmatige handelingen zijn die niet de 48-uurs-termijn doen aanvangen. De rechtbank had ten onrechte geoordeeld dat deze handelingen de termijn lieten lopen.
Daarom vernietigde de Raad van State het vonnis van de rechtbank en verwees de zaak terug voor verdere behandeling met inachtneming van deze overwegingen. Een proceskostenveroordeling werd niet opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen.