ECLI:NL:RBZWB:2026:184
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Heffing van kansspelbelasting over bonusinzetten bij online kansspelen
In deze uitspraak van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant op 15 januari 2026, wordt de heffing van kansspelbelasting over bonusinzetten bij online kansspelen beoordeeld. De belanghebbende, gevestigd in Malta, heeft tegen de uitspraken op bezwaar van de inspecteur van de Belastingdienst beroep aangetekend. De rechtbank behandelt de beroepen van belanghebbende tegen de uitspraken op bezwaar van 11 april 2024, waarbij de inspecteur de bezwaren ongegrond verklaarde. De rechtbank concludeert dat de heffing van kansspelbelasting over de nominale waarde van bonusinzetten terecht is, omdat de wetgever het begrip 'ontvangen inzetten' niet enkel bedrijfseconomisch heeft opgevat. De rechtbank oordeelt dat de bonussen, die door belanghebbende aan spelers worden verstrekt, als inzet kunnen worden aangemerkt en dat de waarde van de bonus gelijk is aan de nominale waarde waarvoor de speler deze kan inzetten. De rechtbank wijst ook de argumenten van de belanghebbende af dat er sprake is van schending van het gelijkheidsbeginsel en dat de waarde van de bonusinzetten nihil zou zijn. De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond en bevestigt dat de belanghebbende geen recht heeft op teruggaaf van kansspelbelasting of vergoeding van proceskosten.