ECLI:NL:RBZWB:2025:4205
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond: aanslag inkomstenbelasting en belastingrente 2021 bevestigd
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV) 2021 en de daarbij opgelegde belastingrente. De inspecteur had het bezwaar ongegrond verklaard. De rechtbank heeft het beroep behandeld en beoordeelt of de aanslag en belastingrente correct zijn vastgesteld, en of het evenredigheidsbeginsel is geschonden.
Belanghebbende had in 2006 twee levensloopverzekeringen afgesloten en ontving in 2021 een lijfrente-uitkering van € 38.567, waarover € 14.309 aan loonheffing was ingehouden. Volgens het echtscheidingsconvenant moest belanghebbende de helft van de netto-uitkering aan zijn ex-partner betalen. Belanghebbende gaf in zijn aangifte € 24.258 als looninkomsten aan en € 24.799 als aftrekpost voor onderhoudsverplichtingen, waaronder de helft van de netto-uitkering.
De inspecteur corrigeerde de aangifte door de volledige lijfrente-uitkering bij belanghebbende te belasten en de aftrek voor onderhoudsverplichtingen niet toe te staan. De rechtbank oordeelt dat de volledige uitkering terecht bij belanghebbende wordt belast, omdat hij verzekeringnemer en eerste begunstigde is. De afspraak in het echtscheidingsconvenant leidt niet tot een fiscale afwijking. Tevens is niet aannemelijk gemaakt dat de betaling aan de ex-partner een onderhoudsverplichting is. Het evenredigheidsbeginsel is niet geschonden, aangezien geen bijzondere omstandigheden zijn die een afwijking rechtvaardigen.
Ten aanzien van de belastingrente overweegt de rechtbank dat de aanslag binnen de wettelijke termijn is opgelegd en dat belanghebbende geen gronden heeft aangevoerd om de belastingrente te verminderen. Het beroep wordt ongegrond verklaard, het griffierecht wordt niet teruggegeven en proceskostenvergoeding wordt niet toegekend.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de aanslag IB/PVV 2021 en de belastingrentebeschikking wordt ongegrond verklaard.