Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 12 juli 2024 in de zaak tussen
[eiser], eiser, in hoedanigheid van bewindvoerder over de goederen van:
Inleiding
Totstandkoming van het besluit
Beroepsgronden
Juridisch kader
Beoordeling door de rechtbank
Conclusie en gevolgen
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit van 21 december 2023;
- draagt Baanbrekers op binnen zes weken na de dag van verzending van deze uitspraak een nieuw besluit te nemen op het bezwaar met inachtneming van deze uitspraak;
- bepaalt dat Baanbrekers het griffierecht van € 51,- aan eiser moet vergoeden;
- veroordeelt Baanbrekers in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 2.998,-.