ECLI:NL:RBZWB:2023:7345
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling navorderingsaanslagen en vergrijpboetes inkomstenbelasting 2011 en 2012
Belanghebbende voerde beroep tegen navorderingsaanslagen, rentebeschikkingen en boetebeschikkingen voor de jaren 2011 en 2012. Voor 2011 handhaaft de rechtbank de aanslag en boete, omdat sprake is van een nieuw feit en omkering van de bewijslast. Voor 2012 wordt de navorderingsaanslag verminderd vanwege een lagere waarde van het onroerend goed en een correctie stakingsaftrek. De boete wordt eveneens verminderd, mede door overschrijding van de redelijke termijn.
De rechtbank oordeelt dat belanghebbende bewust inkomsten niet heeft aangegeven, ondanks zijn betrokkenheid bij de onderneming en kennis van kasstromen. De stelling dat hij niet verantwoordelijk was vanwege professionele bijstand wordt verworpen. De inspecteur heeft terecht omkering en verzwaring van de bewijslast toegepast.
De rechtbank wijst erop dat de inspecteur geen ambtelijk verzuim heeft gepleegd bij het opleggen van de aanslag 2012 en dat de schatting van het belastbaar inkomen redelijk is. De proceskosten worden aan belanghebbende toegekend vanwege het gegrond verklaarde beroep 2012.
Uitkomst: Beroep 2011 ongegrond; navorderingsaanslag en boete 2012 verminderd wegens lagere stakingswinst en overschrijding redelijke termijn.