Uitspraak
Uitspraak van de meervoudige kamer van 13 juli 2023 in de zaak tussen
[belanghebbende], uit [plaats 1], belanghebbende,
de inspecteur van de belastingdienst, de inspecteur.
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Feiten
€ 5
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Belanghebbende, een varkenshouder, vormde in 2017 voorzieningen voor asbestsanering en luchtwassers ten laste van zijn winst. De inspecteur corrigeerde deze voorzieningen en legde een navorderingsaanslag op, inclusief belastingrente en een vergrijpboete. Belanghebbende stelde beroep in tegen deze aanslag en de boete.
De rechtbank oordeelde dat de inspecteur de hoorplicht en het inzagerecht niet had geschonden en dat de navordering terecht was omdat sprake was van een nieuw feit na het verzoek tot geruisloze inbreng. De voorzieningen voor luchtwassers konden niet worden gevormd omdat niet werd voldaan aan de oorsprongs- en toerekeningsvoorwaarden volgens het Baksteenarrest. De voorziening voor asbestsanering kon niet worden gevormd omdat saneringskosten geactiveerd moeten worden en de asbestdaken onderdeel waren van de aangekochte stallen.
De vergrijpboete werd vernietigd omdat de inspecteur zijn standpunt over grove schuld had laten varen. De belastingrente was correct berekend en vormde geen schending van het eigendomsrecht. De inspecteur werd veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan belanghebbende.
Uitkomst: De vergrijpboete wordt vernietigd, de navorderingsaanslag en belastingrente blijven gehandhaafd, voorzieningen voor asbestsanering en luchtwassers mogen niet ten laste van de winst worden gevormd.