Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Feiten
2.Beoordeling
3.Conclusie
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Op 16 januari 2019 werd in een woning een hennepkwekerij met 50 planten aangetroffen in een slaapkamer. Eiser, eigenaar en bewoner van de woning, kreeg een bestuurlijke boete van €4.000,- opgelegd wegens overtreding van de Huisvestingswet door het zonder vergunning onttrekken van woonruimte.
Na bezwaar matigde het college de boete tot €3.415,- vanwege de beperkte draagkracht van eiser. Eiser stelde dat er slechts sprake was van gedeeltelijke onttrekking en geen bedrijfsmatige exploitatie, en betwistte de hoogte van de boete.
De rechtbank oordeelde dat de slaapkamer volledig was onttrokken aan bewoning en dat de overtreding ernstig was. De boete was passend gezien de ernst, verwijtbaarheid en draagkracht. Het beroep werd ongegrond verklaard en de boete bevestigd.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is openbaar en kan binnen zes weken worden aangevochten bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de bestuurlijke boete van €3.415,- wegens onttrekking van woonruimte door hennepkwekerij wordt ongegrond verklaard.