Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.[gedaagde sub 1] ,
[gedaagde sub 2],
[gedaagde sub 3],
1.De procedure
- het tussenvonnis van 21 september 2016,
- de bij brief van 1 december 2016 door [eiser] in het geding gebrachte producties 86 tot en met 94,
- de akte van depot 7/16 betreffende door [eiser] gedeponeerde stukken;
- het proces-verbaal van comparitie van 16 december 2016.
2.Het geschil
3.De beoordeling
2. De vordering van ene echtgenoot jegens de andere echtgenoot op voeging en verdeling van de inkomsten van beide echtgenoten over het afgelopen kalenderjaar vervalt twee jaren na het einde van dat kalenderjaar
proportionele aansprakelijkheidoverwoog de Hoge Raad, dat de rechter in gevallen waarin niet kan worden vastgesteld of de schade is veroorzaakt door een normschending dan wel door een oorzaak die voor risico van de benadeelde zelf komt (of door een combinatie van beide oorzaken), en waarin de kans dat de schade door de normstelling is veroorzaakt niet zeer klein noch zeer groot is, de aansprakelijk gestelde persoon mag veroordelen tot schadevergoeding in evenredigheid met de in een percentage uitgedrukte kans dat de schade door de normschending is veroorzaakt. De rechter dient deze mogelijkheid echter met terughoudendheid toe te passen, hetgeen meebrengt dat hij in zijn motivering dient te verantwoorden dat de strekking van de geschonden norm en de aard van de normschending, waaronder begrepen de aard van de schade, deze toepassing in het concrete geval rechtvaardigt.
kansschadeoverwoog de Hoge Raad dat deze leer geëigend is om een oplossing te bieden voor sommige situaties waarin onzekerheid bestaat over de vraag of een op zichzelf vaststaande tekortkoming of onrechtmatige daad schade heeft veroorzaakt en waarin die onzekerheid haar grond vindt in de omstandigheid dat niet kan worden vastgesteld of en in hoeverre in de hypothetische situatie dat de tekortkoming of onrechtmatige daad achterwege was gebleven de kans op succes zich in werkelijkheid ook zou hebben gerealiseerd. De Hoge Raad merkte daarbij op dat om de leer van de kansschade te kunnen toepassen eerst beoordeeld moet worden of conditio-sine-qua-non-verband aanwezig is tussen de aansprakelijkheid scheppende gebeurtenis en het verlies van de kans op succes.
echtscheidingsprocedurein eerste aanleg met tot op heden tenminste 9 beschikkingen, een kort geding procedure en meerdere appelprocedures.
sub c tot en qaan de orde gestelde schadeposten.
schadepost sub b(procedurekosten) dient naar het oordeel van de rechtbank onderscheid te worden gemaakt in de kosten die verband houden met de echtscheidingsprocedure en de kosten die verband houden met de procedure tot vernietiging van de huwelijkse voorwaarden 2007 en de overeenkomst. Voor de kosten van de echtscheidingsprocedure zijn [gedaagde sub 1] c.s. gelet op hetgeen hiervoor sub 3.32 is overwogen niet aansprakelijk.