Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 15 juli 2025 in de zaak tussen
[eiseres], te [plaats], eiseres,
de Staat der Nederlanden (de minister van Justitie en Veiligheid).
Inleiding
Totstandkoming van het besluit
Op 12 september 2022, bevonden ik en mijn collega inspecteur ons bij [eiseres] voor een herinspectie op de geconstateerde overtredingen van 28 juni 2022.
Beoordeling door de rechtbank
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het besluit van 25 oktober 2023, voor zover dat ziet op de hoogte van de boete;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde deel van het besluit;
- herroept het primaire besluit, voor zover dat ziet op de hoogte van de boete;
- stelt de boete vast op € 11.875,-;
- bepaalt dat de Staat der Nederlanden (de minister van Justitie en Veiligheid) het griffierecht van € 365,- aan eiseres moet vergoeden;
- veroordeelt de Staat der Nederlanden (de minister van Justitie en Veiligheid) tot betaling van € 226,75 aan proceskosten van eiseres.