ECLI:NL:RBROT:2023:7309
Rechtbank Rotterdam
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdverklaring bestuursrechter wegens niet aannemelijke aanvraag en ingebrekestelling
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het College van procureurs-generaal wegens niet tijdig beslissen op een aanvraag op grond van artikel 39i van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens. De voorzieningenrechter wees een verzoek om een voorlopige voorziening af wegens gebrek aan spoedeisendheid.
Het College verklaarde geen aanvraag of ingebrekestelling te hebben ontvangen. De rechtbank gaf eiser de gelegenheid bewijs te leveren van de indiening, maar de ingediende stukken toonden dit niet aan. Volgens vaste rechtspraak ligt het risico van niet-bereiken van niet-aangetekende post bij de afzender.
Omdat niet aannemelijk is dat een aanvraag is ingediend, kan het bestuursorgaan niet in gebreke zijn gesteld en is de rechtbank onbevoegd om kennis te nemen van het beroep wegens niet tijdig beslissen. De rechtbank verklaart zich daarom onbevoegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het beroep wegens het ontbreken van een aannemelijk gemaakte aanvraag en ingebrekestelling.