Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
HQ Hypotheken 71 BV,
1..Het verloop van de procedure
2..De kern van de zaak
3..De beoordeling
4..De beslissing
:
Rechtbank Rotterdam
Eiser sloot in 2009 een hypothecaire lening af bij HQ Hypotheken, waarbij de algemene voorwaarden een bepaling bevatten die HQ Hypotheken het recht gaf de opslagrente te wijzigen. Eiser betwistte de rechtmatigheid van de opslagverhogingen boven 1,3% en vorderde vernietiging van de wijzigingsbepaling en terugbetaling van te veel betaalde opslagbedragen.
De rechtbank oordeelde dat de wijzigingsbepaling oneerlijk is omdat deze HQ Hypotheken een onbeperkte bevoegdheid geeft tot wijziging zonder voorwaarden of duidelijke mechanismen, wat het evenwicht tussen partijen verstoort. De bepaling voldoet niet aan de voorwaarden van Richtlijn 93/13 en is daarom vernietigd. De rechtbank volgde de uitleg van HQ Hypotheken over de inhoud van de bepaling, maar verwierp haar verweer dat de vordering verjaard was.
De rechtbank stelde vast dat de vordering tot vernietiging van de oneerlijke bepaling niet verjaart en dat de terugvordering van te veel betaalde opslagrente niet verjaard is, mits de consument daadwerkelijk bekend was met de ongeldigheid van de bepaling. HQ Hypotheken werd veroordeeld tot terugbetaling van de te veel betaalde opslagrente boven 1,3% met wettelijke rente vanaf de dag van dagvaarding. De vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.
Het verstekvonnis van december 2020 werd vernietigd en de proceskosten werden aan HQ Hypotheken opgelegd. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard zonder dat eiser zekerheid hoefde te stellen.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de oneerlijke rentewijzigingsbepaling en veroordeelt HQ Hypotheken tot terugbetaling van te veel betaalde opslagrente met wettelijke rente.