Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 15 mei 2020 in de zaak tussen
[eiseres] , eiseres ( [eiseres] ),
het Bureau Financieel Toezicht, verweerder (BFT),
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.
Rechtbank Rotterdam
Het Bureau Financieel Toezicht (BFT) legde een bestuurlijke boete van €45.000,- op aan een administratie- en belastingadvieskantoor wegens het niet voldoen aan de monitoringsverplichting, het niet verrichten van verscherpt cliëntenonderzoek en het nalaten van het melden van ongebruikelijke transacties volgens de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft).
Na bezwaar werd de boete verlaagd naar €20.000,-. De rechtbank oordeelde dat het kantoor niet tijdig en adequaat cliëntenonderzoek had verricht bij twee klanten, waaronder het niet kunnen aantonen van tijdige identificatie en verificatie. Ook had het kantoor onvoldoende voortdurende controle uitgeoefend en verscherpt cliëntenonderzoek moeten verrichten gezien de risico's in de dossiers.
Daarnaast had het kantoor ongebruikelijke transacties moeten melden aan de Financiële inlichtingen eenheid. Het beroep tegen de boete werd ongegrond verklaard, behalve voor het deel over de boetehoogte dat inmiddels was verlaagd. De rechtbank veroordeelde het BFT tot vergoeding van het griffierecht en proceskosten van €1.745,-. De uitspraak werd gedaan door rechter A.J. Spengen op 15 mei 2020.
Uitkomst: Het beroep van het administratie- en belastingadvieskantoor is ongegrond verklaard en de boete van €20.000,- gehandhaafd met vergoeding van griffierecht en proceskosten.