ECLI:NL:RBROT:2016:3476
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vergunningverlening voor concentratie KPN-Reggefiber zonder significante mededingingsbelemmering
De zaak betreft het beroep van Vodafone Libertel tegen het besluit van de Autoriteit Consument & Markt (ACM) om een vergunning te verlenen voor de concentratie waarbij KPN uitsluitende zeggenschap verkrijgt over Reggefiber.
Vodafone Libertel betoogde dat ACM niet alle relevante stukken had overgelegd en dat de sectorspecifieke regulering onvoldoende was om mededingingsbelemmeringen te voorkomen. ACM stelde dat de prenotificatiefase een informeel traject is en dat de sectorspecifieke regulering de mogelijke negatieve effecten van de concentratie voldoende adresseert.
De rechtbank oordeelde dat de prenotificatiefase niet tot de op de zaak betrekking hebbende stukken behoort en dat Vodafone Libertel niet rechtstreeks door het eerste-fase-besluit wordt getroffen. De Remedie 2008 geldt niet voor deze concentratie en het vetorecht van KPN over de glasvezeluitrol blijft bestaan. ACM heeft de concentratie terecht beoordeeld binnen het kader van de sectorspecifieke regulering en heeft aannemelijk gemaakt dat geen significante mededingingsbelemmering zal optreden.
Vodafone Libertel's bezwaren over prijsstijgingen, kwaliteitsdiscriminatie, ongewenste informatie-uitwisseling en strategisch productontwerp werden door ACM en de rechtbank gemotiveerd weerlegd. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van Vodafone Libertel tegen de vergunningverlening voor de concentratie KPN-Reggefiber wordt ongegrond verklaard.