Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De bewijsoverwegingen
of omstreeks05 september 2017 te Nijverdal, gemeente Hellendoorn, door
geweld of een andere feitelijkheid en/of bedreiging met geweld ofeen
anderefeitelijkheid, te weten door
;
/of (daarbij
)nader te noemen [slachtoffer] de woorden toe te voegen; ‘Ik doe hem even dicht, want dan kan niemand ons zien’,
althans woorden van gelijke aard en/of strekkingen
/of (vervolgens
) kort op en/of
/of (daarbij
)zijn armen
(van achteren
)om de buik/middel van die [slachtoffer] te leggen en
/of (daarbij
)onverhoeds de buik te strelen en
/ofte betasten en
/of (vervolgens
)
(rechter
)borst
, althans het aanraken van de (rechter)borsten
/of (vervolgens
)het onverhoeds zoenen in de nek
plegen en/ofdulden van
een of meerontuchtige handelingen, te weten het onverhoeds aanraken en
/ofstrelen en
/ofbetasten van de buik en
/of (vervolgens
)het onverhoeds knijpen in
, althans het aanraken en/of betasten vande
(rechter
)borst en
/ofhet onverhoeds zoenen in de nek.
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De schade van benadeelden
9.De toegepaste wettelijke voorschriften
10.De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
60 (zestig) dagen;
57 (zevenenvijftig) dagen niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte voor het einde van de
proeftijd van 2 (twee) jarende navolgende voorwaarde niet is nagekomen:
algemene voorwaardedat verdachte:
taakstraf, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van
120 (honderdtwintig) uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast voor de duur van
60 (zestig) dagen;
maatregelop dat verdachte verplicht is ter zake van het bewezen verklaarde feit tot
betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van € 2.802,95,te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 5 september 2017 ten behoeve van de benadeelde, en bepaalt, voor het geval volledig verhaal van het verschuldigde bedrag niet mogelijk blijkt, dat
gijzelingvoor de duur van
38 (achtendertig) dagenkan worden toegepast. Tenuitvoerlegging van de gijzeling laat de betalingsverplichting onverlet;