ECLI:NL:RBOBR:2026:359
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde woning en toepassing vergelijkingsmethode
Eiseres is eigenaar van een vrijstaande woning uit 1996 en betwist de door de heffingsambtenaar vastgestelde WOZ-waarde van €511.000 per 1 januari 2022. De heffingsambtenaar baseerde de waardering op een taxatierapport waarin de vergelijkingsmethode werd toegepast met drie vergelijkingsobjecten.
Eiseres stelt dat onvoldoende rekening is gehouden met de staat van de woning, zoals een gedateerde keuken en badkamer en scheurvorming in de binnenmuren. De rechtbank overweegt dat het aan eiseres is om deze feiten te stellen en te bewijzen. De rechtbank kan de taxatietechnische waardering niet op juistheid toetsen, maar wel op begrijpelijkheid.
De heffingsambtenaar heeft de woning gewaardeerd op voldoende kwaliteit en onderhoud, wat de rechtbank volgt omdat eiseres geen bewijs heeft geleverd van de matige staat. Ook is een vergelijkingsobject in beroep vervangen, waardoor de daarop gebaseerde stellingen niet slagen. Het beroep wordt ongegrond verklaard, en eiseres krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde wordt ongegrond verklaard en de waarde van €511.000 blijft gehandhaafd.