Eiseres ontving sinds januari 2019 een WIA-uitkering wegens een arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%. Na een herbeoordeling door het UWV in juli 2022 werd haar uitkering beëindigd per september 2022, omdat zij minder dan 35% arbeidsongeschikt werd geacht. Eiseres stelde zich op het standpunt dat haar medische klachten onvoldoende waren meegewogen en dat zij onverminderd volledig arbeidsongeschikt was.
De rechtbank heeft het beroep behandeld en het aanvullend beroepschrift met medische stukken toegelaten ondanks de late indiening, maar benadrukte dat deze werkwijze ongewenst is. Het medisch onderzoek door de verzekeringsarts bezwaar en beroep (B&B) van het UWV is als zorgvuldig en inhoudelijk overtuigend beoordeeld. De medische belastbaarheid is zonder tegenstrijdigheden gemotiveerd en de geselecteerde functies zijn passend.
De rechtbank oordeelde dat de subjectieve klachten van eiseres niet afdoen aan de objectieve medische beoordeling en dat psychische beperkingen niet aannemelijk zijn. Het verzoek tot heropening van het onderzoek en benoeming van een deskundige is afgewezen. Het beroep is ongegrond verklaard, waardoor de uitkering terecht is beëindigd en eiseres geen proceskostenvergoeding ontvangt.