ECLI:NL:RBOBR:2024:1800
Rechtbank Oost-Brabant
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen naheffingsaanslag parkeerbelasting met betwisting telefonische hoorzitting
Eiser is op 31 oktober 2022 betrapt op het niet betalen van parkeerbelasting op een aangewezen locatie. De heffingsambtenaar legde daarop op 3 november 2022 een naheffingsaanslag op, die met uitspraak op bezwaar van 25 januari 2023 werd gehandhaafd. Eiser stelde beroep in tegen deze naheffingsaanslag en klaagde dat hij niet (telefonisch) is gehoord tijdens de bezwaarprocedure.
De rechtbank oordeelt dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij niet is gehoord. De heffingsambtenaar heeft namelijk aangetoond dat hij telefonisch contact heeft gezocht met de gemachtigde van eiser, maar dat dit contact niet werd beantwoord. Dit oordeel wordt versterkt door het patroon van het procesgedrag van eisers gemachtigde, die formele gronden aanvoert en slecht bereikbaar is.
Omdat eiser in bezwaar en beroep alleen formele gronden heeft aangevoerd en niet op de zitting is verschenen, acht de rechtbank de ontkenning van telefonisch contact ongeloofwaardig. De inhoudelijke gronden tegen de naheffingsaanslag zijn niet aangevoerd. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en handhaaft de naheffingsaanslag.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Partijen is gewezen op het recht om binnen zes weken hoger beroep in te stellen bij het gerechtshof.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag parkeerbelasting wordt ongegrond verklaard en de aanslag gehandhaafd.