Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
uitspraak van de meervoudige kamer van 22 juli 2019 in de zaak tussen
Procesverloop
Overwegingen
lump sum-financiering, waarbij het uurtarief – zo begrijpt de rechtbank – slechts een rekenfactor is, die niet één op één te herleiden is tot de door die zorgaanbieders in ieder concreet geval bestede uren huishoudelijke hulp. De omvang van de huishoudelijke hulp varieert immers op basis van de omstandigheden in ieder huishouden.
en (…) er berekeningen [zijn] gemaakt met betrekking tot de frequentie waarmee een deeltaak is uitgevoerd (cursivering rechtbank).Verweerders gemachtigde heeft desgevraagd ter zitting voor een verklaring van het hiervoor geconstateerde verschil verwezen naar een e-mailbericht van TriviumPlus van 20 maart 2018. Daaruit volgt, zakelijk weergegeven, dat het verschil tussen de gemeten tijden en de normtijden inderdaad kan worden verklaard door invloed van de gemeten tijd voor een bepaalde huishoudelijke taak slechts mee te nemen naarmate van de frequentie waarin die taak moet worden verricht. TriviumPlus wijst er op dat de gemeten tijd per deeltaak niet zonder meer kan worden opgeteld, omdat de frequentie in uitvoer verschilt.
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
- verklaart het bezwaar tegen het primaire besluit gegrond en herroept het primaire besluit;
- bepaalt dat eiseres in de periode van 11 maart 2018 tot en met 31 december 2018 alsnog in aanmerking wordt gebracht voor een pgb voor de inkoop van huishoudelijke zorg voor 5 uur per week tegen een uurtarief van € 14,00;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde bestreden besluit;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 1.280,00;
- bepaalt dat verweerder aan eiser het betaalde griffierecht van € 46,00 vergoedt;