ECLI:NL:RBOBR:2018:3266
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde agrarische objecten met bedrijfswoning en afzonderlijke woning
Eiseres betwist de door verweerder vastgestelde WOZ-waarden van twee agrarische objecten, te weten een agrarisch gemengd bedrijf met bedrijfswoning en een afzonderlijke agrarische woning op hetzelfde perceel, per waardepeildatum 1 januari 2016. Zij stelt lagere waarden voor en baseert zich op een taxatierapport met enkele vergelijkbare verkopen uit de regio.
Verweerder heeft de waarden vastgesteld op basis van landelijke taxatiewijzers voor agrarische objecten en heeft de objecten opnieuw laten taxeren, waarbij enkele correcties in objectkenmerken zijn doorgevoerd. De rechtbank oordeelt dat eiseres onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat er voldoende vergelijkbare verkopen zijn om af te wijken van de landelijke taxatiewijzers, en dat de waardering op basis van deze taxatiewijzers passend is.
De rechtbank wijst ook het beroep af omdat eiseres geen sluitende onderbouwing heeft gegeven voor haar lagere waarderingen, mede vanwege een waarderingsmix in haar taxatierapport die niet is toegestaan. De vastgestelde waarden worden niet te hoog geacht. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarden van de agrarische objecten wordt ongegrond verklaard.