Uitspraak
1.De zaak in het kort
2.De procedure
- de conclusie van antwoord
- de conclusie van repliek
- de conclusie van dupliek.
3.De feiten
1.Het gehuurde
Bijlage 1aan deze overeenkomst gehechte tekening rood gearceerde perceel inclusief het daarop gevestigde verkooppunt voor motorbrandstoffen met toebehoren in de ruimste zin des woords, staande en gelegen aan de [het gehuurde] , kadastraal bekend Gemeente Weststellingwerf, Sectie..nr., ter grootte van circa 400 m2, hierna verder aangeduid met
"het gehuurde".
2.Looptijd
5.Bestemming
4.Het geschil
5.De beoordeling
kantonrechter: bedoeld is ex artikel 7:290 BW Pro), dan kan de huurder na het einde van de huurovereenkomst de rechter verzoeken de termijn waarbinnen ontruiming moet plaats vinden, te verlengen. (…)”. De huurder van bedrijfsruimte in de zin van artikel 7:230a BW heeft aanzienlijk minder huurrechtelijke bescherming dan bij bedrijfsruimte in de zin van artikel 7:290 BW Pro.
een gebouwde onroerende zaak of gedeelte daarvan. Is dat niet het geval, dan is sprake van bedrijfsmatige huur van een (gedeelte van een)
ongebouwde onroerende zaak, waarvoor geen specifieke huurrechtelijke bescherming geldt. In dat geval gelden alleen de algemene huurbepalingen, waarvan met name artikel 7:228 BW Pro van belang is.
kantonrechter: in dit vonnis aangeduid als het Valkenburg-arrest), zodat deze, op zichzelf dan wel in onderlinge samenhang bezien, tot gevolg kunnen hebben dat een onbemand tankstation als “gebouwde onroerende zaak” kwalificeert?
6.De beslissing
dinsdag 28 april 2026voor het nemen van een akte door beide partijen over wat is vermeld onder 5.27,