Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 2 februari 2023 in de zaak tussen
[eiser], uit [plaats], eiser
De minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, de minister
Inleiding
Totstandkoming van het besluit
Beoordeling door de rechtbank
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep niet-ontvankelijk, voor zover het is gericht tegen het besluit van 14 mei 2020;
- verklaart het beroep gegrond, voor zover het is gericht tegen het besluit van 1 juni 2022;
- vernietigt het besluit van 1 juni 2022 voor zover het de hoogte van de boete betreft;
- herroept het besluit van 18 december 2019 in zoverre dat de hoogte van de aan eiser opgelegde boete wordt vastgesteld op € 210,--,-;
- veroordeelt de minister tot vergoeding van immateriële schade aan eiser tot een bedrag van € 2.500;
- veroordeelt de minister tot vergoeding van de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 1.674,--
- draagt de minister op het betaalde griffierecht van € 178,-- aan eiser te vergoeden.