Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 14 november 2017 in de zaak tussen
[eiseres] , te [woonplaats] eiseres
het college van burgemeester en wethouders van Hoogezand-Sappemeer, verweerder
Procesverloop
minimaalvier dagen in de week opgepast, maar
gemiddeld.Ook tussen september 2015 en april 2016 heeft zij maximaal tot 16:00 uur of 17:00 uur opgepast. Soms ging ze meteen na aankomst op het oppasadres weer weg, omdat haar aanwezigheid niet nodig was. Een structurele afspraak was er niet; tijdens haar oppas ging ze vaak naar huis om te eten en soms paste ze maar een paar uurtjes per week op. Zij hield geen boekhouding bij: dat had ze wel gedaan als ze vond dat ze betaalde werkzaamheden deed. Hoogstens kreeg ze af en toe wat geld toegestopt. Ten slotte vindt eiseres het onderzoek onzorgvuldig, nu verweerder de vrienden bij wie eiseres oppaste, niet heeft gehoord en haar verklaringen wazig, niet eenduidig en gering zijn. Verweerder stelt hier tegenover dat zijn onderzoek correct, volledig en zorgvuldig is geweest. Er was geen aanleiding de vrienden te horen. Verder is verweerder van mening dat de oppaswerkzaamheden op geld waardeerbare werkzaamheden zijn.
gemiddeld halverwege de middag, dus ongeveer 16.00 uur. Ik blijf dan regelmatig nog wel langer hangen om koffie te drinken.
minimaalvier dagen per week heeft opgepast, waarvan niet altijd volledige dagen; verder verklaart zij dat zij tussen september 2015 en april 2016 oppaste vanaf ongeveer 08.00 uur tot het einde van de dag, ongeveer 16.00 uur of 17.00 uur, zonder daarin de nuancering aan te brengen dat dit soms geen volledige dagen waren. Dit alles bij elkaar brengt de rechtbank er toe om bij wijze van schatting aan te nemen dat eiseres in de periode van september 2015 tot april 2016 (30 weken) op vier dagen per week heeft gewerkt, acht uur per dag, tegen € 6,00 per uur.