Uitspraak
Rechtbank noord-holland
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 17 juni 2024 in de zaak tussen
[eiser] , wonende te [woonplaats] , eiser, en
[bedrijf] , gevestigd te [plaats] , eiseres
de inspecteur van de Belastingdienst/Particulieren, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
- i) hij geen duurzame band van persoonlijke aard met Nederland had en ook niet kon hebben gelet op de tijdelijke en aflopende aard van het wettelijk verblijf in Nederland; en
- ii) hij tot en met augustus 2022 opvarende op een schip was en zijn woonplaats geacht moet worden op het schip te zijn.
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar en de afwijzende beschikking van 12 januari 2023;
- wijst het verzoek om toepassing van de 30%-regeling met ingang van 10 oktober 2022 toe;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde bestreden besluit;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eisers tot een bedrag van € 1.750; en
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 50 aan eisers te vergoeden.