ECLI:NL:RBNHO:2019:7844
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek toepassing 30%-regeling voor Italiaans werknemer woonachtig in Nederland
Eiser, een Italiaanse nationaliteithebbende afgestudeerde van de Universiteit van Bologna, volgde enkele vakken aan de TU Delft en werkte vervolgens op basis van een 'internship contract' bij een Nederlands bedrijf. De rechtbank stelde vast dat eiser vanaf 1 juli 2012 in Nederland woonde en vanaf 11 oktober 2012 als inwoner was ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie.
Op 3 juni 2013 sloot eiser een arbeidsovereenkomst met hetzelfde bedrijf. De kern van het geschil was of eiser als een uit het buitenland aangeworven werknemer kon worden aangemerkt en of zijn werkzaamheden voorafgaand aan de arbeidsovereenkomst in het kader van een opleiding of stage werden verricht. De rechtbank oordeelde dat eiser op het moment van het sluiten van de arbeidsovereenkomst al een duurzame persoonlijke band met Nederland had en dat hij niet uit een ander land was aangeworven. Daarnaast waren zijn werkzaamheden niet in het kader van een opleiding of stage, maar meer een proefperiode voorafgaand aan een vast dienstverband.
Het beroep van eiser op het Besluit van de Staatssecretaris van Financiën en het vertrouwensbeginsel faalde. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en zag geen aanleiding tot een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de Rechtbank Noord-Holland op 11 september 2019.
Uitkomst: Het beroep van eiser op toepassing van de 30%-regeling wordt ongegrond verklaard omdat hij op het moment van het sluiten van de arbeidsovereenkomst al inwoner van Nederland was en zijn werkzaamheden niet in het kader van een opleiding of stage werden verricht.