Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
uitspraak van de meervoudige kamer van 17 februari 2016 in de zaak tussen
Procesverloop
Overwegingen
.
Rechtbank Noord-Holland
Eiseres ontving gedurende meerdere perioden een bijstandsuitkering, waarbij zij een gezamenlijke huishouding voerde met haar partner. Verweerder startte een fraudeonderzoek na een melding van de politie en concludeerde dat eiseres haar samenwoning niet had gemeld, wat leidde tot herziening van de uitkering en terugvordering van teveel ontvangen bedragen.
Eiseres voerde aan dat zij tijdig had gemeld dat de samenwoning was beëindigd en dat verweerder de zesmaanden-jurisprudentie had moeten toepassen, waardoor terugvordering na zes maanden niet mogelijk zou zijn. De rechtbank oordeelde echter dat de brief en het aanvraagformulier geen signalen vormden in de zin van deze jurisprudentie, mede omdat in de betreffende periode geen uitkering werd toegekend.
De rechtbank stelde vast dat eiseres haar inlichtingenplicht had geschonden door onjuiste informatie te verstrekken en dat verweerder bevoegd was het recht op bijstand te herzien. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en het besluit tot herziening van de bijstandsuitkering wordt bevestigd.