ECLI:NL:RBMNE:2025:2844
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Homologatie van WHOA-akkoord ondanks verlenging stemtermijn en klassenindelingsfouten
De rechtbank Midden-Nederland heeft op 12 juni 2025 het verzoek tot homologatie van het WHOA-akkoord van verzoekster, een speelgoedverkopende onderneming, toegewezen. Ondanks dat de stemtermijn eenzijdig en in principe onterecht werd verlengd, oordeelde de rechtbank dat dit de belangen van de schuldeisers niet heeft geschaad, mede doordat de Nederlandse en Duitse Belastingdienst alsnog konden stemmen, wat leidde tot instemming in alle klassen.
Er werden enkele tekortkomingen vastgesteld, zoals een niet-objectief onderbouwde peildatum en onvolledige informatie over betalingen aan gelieerde partijen na die datum, en een onjuiste plaatsing van een aandeelhouder in de MKB-klasse. Deze fouten beïnvloedden echter de uitkomst van de stemming niet en zijn deels gecorrigeerd. De nakoming van het akkoord is voldoende gewaarborgd door een kapitaalstorting en een toegezegde kredietfaciliteit van de aandeelhouder.
De rechtbank concludeerde dat de schuldeisers op juiste wijze waren geïnformeerd en dat het akkoord breed werd gedragen. Er was geen sprake van benadeling of oneerlijke middelen. De rechtbank zag geen noodzaak voor het benoemen van een observator gezien het uitblijven van protesten en de omstandigheden. Het verzoek tot homologatie werd dan ook toegewezen.
Uitkomst: Het WHOA-akkoord van verzoekster wordt gehomologeerd ondanks onterechte verlenging van de stemtermijn en enkele tekortkomingen, omdat schuldeisers niet zijn benadeeld.