ECLI:NL:RBLIM:2026:4259
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroepen inzage persoonsgegevens FSV en schadevergoeding overschrijding redelijke termijn
Eiseres verzocht inzage in haar persoonsgegevens die zijn opgenomen in de Fraude Signalering Voorziening (FSV) en schadevergoeding voor de registratie daarin. De minister verstrekte gedeeltelijk inzage en wees het schadevergoedingsverzoek af. Eiseres maakte bezwaar tegen deze besluiten, waarna de rechtbank de beroepen behandelde.
De rechtbank oordeelde dat eiseres geen recht heeft op inzage in alle stukken, zoals screenprints van haar registratie, omdat de AVG alleen recht geeft op een kopie van persoonsgegevens en niet op integrale bestuursstukken. De rechtbank vond de motivering van de minister voor het weigeren van inzage in bepaalde persoonsgegevens voldoende en kon de juistheid daarvan niet beoordelen vanwege het ontbreken van toestemming van eiseres.
Verder concludeerde de rechtbank dat de minister geen persoonsgegevens van eiseres met derden heeft gedeeld en dat het bezwaar tegen het schadevergoedingsverzoek terecht niet-ontvankelijk is verklaard, omdat alleen de civiele rechter hierover kan oordelen. Wel werd een schadevergoeding van € 2.000,- toegekend wegens overschrijding van de redelijke termijn door minister en rechtbank. Andere verzoeken om schadevergoeding werden afgewezen.
Uitkomst: De beroepen worden ongegrond verklaard, inzage wordt beperkt gehouden en een schadevergoeding van € 2.000,- wordt toegekend wegens overschrijding van de redelijke termijn.