Eisers ontvingen bijstand en bijzondere bijstand, maar het college trok deze bijstand in en vorderde een bedrag van €73.747,57 terug wegens handel op Marktplaats. Eisers maakten bezwaar tegen dit besluit, maar het college verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat het te laat was ingediend. Eisers stelden dat de bewindvoerder nalatig was geweest in het doorgeven van het besluit, waardoor zij niet tijdig bezwaar konden maken.
De rechtbank oordeelde dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar was. De bewindvoerder had het besluit niet tijdig doorgegeven vanwege vakantie, maar dit is geen bijzondere omstandigheid die de termijnoverschrijding rechtvaardigt. Eisers stonden onder bewind en het risico van nalatigheid ligt bij hen. De rechtbank volgde de nieuwe rechtspraak over verschoonbaarheid, maar vond dat deze omstandigheden onvoldoende waren om de termijnoverschrijding te verontschuldigen.
Het beroep van eisers werd ongegrond verklaard, waardoor het bezwaar niet-ontvankelijk blijft. Eisers krijgen geen terugbetaling van griffierecht en geen proceskostenvergoeding. De uitspraak bevestigt het belang van tijdige bezwaarindiening en de verantwoordelijkheid van bewindvoerders voor tijdige communicatie.