ECLI:NL:RBLIM:2023:2900
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling sluiting loodsen wegens drugsgerelateerde overtredingen en functionele samenhang
In deze bestuursrechtelijke zaak staat het beroep van THT-Group B.V. tegen het besluit van de burgemeester van Echt-Susteren centraal, die op grond van artikel 13b van de Opiumwet de loodsen aan drie adressen heeft gesloten voor twaalf maanden. De politie trof in twee van deze loodsen een grote hoeveelheid hennep en hasj aan, evenals materialen voor hennepteelt, terwijl in de derde loods geen drugsgerelateerde goederen werden gevonden. De burgemeester baseerde de sluiting mede op de functionele samenhang tussen de loodsen, die via geheime doorgangen met elkaar verbonden zijn.
De voorzieningenrechter had eerder geoordeeld dat de burgemeester bevoegd was tot sluiting en dat deze noodzakelijk was. De rechtbank bevestigt dit oordeel en overweegt dat de functionele samenhang tussen de loodsen voldoende vaststaat, mede doordat zij zich in één gebouw bevinden, dezelfde eigenaar hebben en inpandig met elkaar verbonden zijn. De rechtbank wijst het beroep ongegrond en stelt vast dat de sluiting ook evenredig is, ondanks de financiële en praktische gevolgen voor eiser.
Verder overweegt de rechtbank dat eiser weliswaar schade heeft geleden door de sluiting, maar dat dit procesbelang niet leidt tot ontvankelijkheid van het beroep. De burgemeester heeft de belangen zorgvuldig afgewogen en de ernst en omvang van de overtredingen, waaronder recidive en professionaliteit van de drugshandel, rechtvaardigen de sluiting. Het beroep wordt afgewezen en eiser krijgt geen griffierecht of proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de sluiting van de loodsen voor twaalf maanden als noodzakelijk en evenredig.