ECLI:NL:RBHAA:2012:BX9466
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing navorderingsaanslagen buitenlandse bankrekeningen en bewijsrechtelijke aspecten
De rechtbank Haarlem behandelde een bestuursrechtelijke zaak waarin eisers bezwaar maakten tegen navorderingsaanslagen en boetes opgelegd door de Belastingdienst vanwege niet aangegeven tegoeden op buitenlandse bankrekeningen bij Van Lanschot Bankiers Luxembourg (VLB).
De zaak draaide om de rechtmatigheid van het verkregen bewijs, de identificatie van eisers als rekeninghouders, de toepassing van de verlengde navorderingstermijn, en de voortvarendheid bij het opleggen van de aanslagen. De rechtbank oordeelde dat het bewijs afkomstig was van de Belgische autoriteiten en rechtmatig verkregen was. De identificatie van eisers via naam- en adresgegevens in combinatie met het Nederlandse BVR-systeem werd als voldoende betrouwbaar beoordeeld.
De rechtbank vernietigde een deel van de navorderingsaanslagen wegens onvoldoende voortvarendheid bij het opleggen ervan, maar handhaafde andere aanslagen die binnen de wettelijke termijnen waren opgelegd. De boetes werden deels verminderd vanwege overschrijding van de redelijke termijn voor de behandeling van de zaak. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. Tevens werd het onderzoek heropend voor beoordeling van een verzoek om immateriële schadevergoeding.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt deels de navorderingsaanslagen wegens onvoldoende voortvarendheid, bevestigt de rechtmatigheid van het bewijs en vermindert boetes wegens termijnoverschrijding.