ECLI:NL:RBHAA:2011:BR3128
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Navorderingsaanslagen en ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel bij hennepteelt
Eiser werd veroordeeld voor teelt en verkoop van hennepplanten en witwassen van de opbrengsten. De Belastingdienst legde navorderingsaanslagen IB/PVV op voor de jaren 2006, 2007 en 2008, inclusief vergrijpboetes en heffingsrente, gebaseerd op inkomsten uit hennepteelt.
De rechtbank beoordeelde of de inkomsten als winst uit onderneming moesten worden aangemerkt en oordeelde dat eiser inderdaad een onderneming dreef, ondanks het illegale karakter. Eiser had recht op zelfstandigenaftrek en MKB-winstvrijstelling, waardoor de aanslagen moesten worden verminderd.
Voorts stelde de rechtbank vast dat de ontnemingsvordering wegens wederrechtelijk verkregen voordeel de navorderingsaanslagen niet in de weg staat. Een voorziening voor ontneming kon niet worden gevormd in de jaren 2006-2008 omdat toen nog geen gerede kans op ontneming bestond.
Kosten die verband houden met het misdrijf, waaronder voorbereidingskosten, zijn niet aftrekbaar. De rechtbank achtte opzet bewezen en legde een boete van 50% op, die werd verminderd in lijn met de aanslagvermindering.
De beroepen werden gegrond verklaard, de navorderingsaanslagen en boetes verminderd, heffingsrente aangepast en verweerder veroordeeld in proceskosten.
Uitkomst: De navorderingsaanslagen IB/PVV 2006-2008 worden verminderd en de boetes en heffingsrente aangepast; de beroepen worden gegrond verklaard.