Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige belastingkamer van 9 september 2025
[belanghebbende], uit [woonplaats], belanghebbende
de inspecteur van de Belastingdienst, Backoffice BPM, de inspecteur,
Inleiding
- namens belanghebbende de gemachtigde en [naam 1];
- namens de inspecteur [naam 2] en [naam 3];
- namens de Staat [naam 4].
Feiten
Beoordeling door de rechtbank
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart de beroepen gegrond;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar ter zake van de eerste naheffingsaanslag (zaaknummer ARN 23/3299), uitsluitend voor zover het de kostenvergoeding betreft;
- vernietigt de tweede naheffingsaanslag (zaaknummer ARN 23/3190);
- veroordeelt de inspecteur tot vergoeding van immateriële schade tot een bedrag van € 441 aan belanghebbende;
- veroordeelt de Staat tot vergoeding van immateriële schade tot een bedrag van € 1.059 aan belanghebbende;
- veroordeelt de inspecteur in de proceskosten tot een bedrag van € 3.221,37;
- veroordeelt de Staat in de proceskosten tot een bedrag van € 113,38;
- draagt de inspecteur op het betaalde griffierecht van € 730 aan belanghebbende te vergoeden, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag nadat vier weken zijn verstreken na de openbaarmaking van de uitspraak van de rechtbank, tot aan de dag van algehele voldoening.