Belanghebbende maakte bezwaar tegen een naheffingsaanslag BPM voor een Mercedes-Benz S-klasse Coupé 500 4Matic. De inspecteur verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens te late indiening. De rechtbank oordeelt dat de inspecteur niet voldoende heeft bewezen dat de naheffingsaanslag daadwerkelijk is verzonden, waardoor de bezwaartermijn niet is gaan lopen en het bezwaar ontvankelijk is.
De rechtbank wijst de zaak terug naar de inspecteur voor verdere inhoudelijke behandeling, omdat er nog discussie bestaat over de omvang van de schade. Ondanks dat belanghebbende en zijn gemachtigde niet altijd verschenen bij hoorgesprekken, is dit onvoldoende reden om terugwijzing te weigeren.
Belanghebbende vordert ook vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke behandeltermijn. De rechtbank past de recente jurisprudentie toe en kent een forfaitaire schadevergoeding van € 1.000 toe. Proceskosten worden deels toegewezen, en het betaalde griffierecht wordt vergoed met wettelijke rente bij late betaling.
De uitspraak is gedaan door rechter R.A. Eskes en griffier T.J.P. Wientjens op 3 juli 2025 te Arnhem.