ECLI:NL:RBGEL:2025:462
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag kinderbijslag wegens ontbreken duurzame band met Nederland
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen de afwijzing van haar aanvraag om kinderbijslag over het vierde kwartaal van 2021 tot en met het derde kwartaal van 2022. De Sociale Verzekeringsbank (SVB) had de aanvraag afgewezen omdat eiseres volgens hen niet als ingezetene van Nederland kon worden beschouwd op de peildata.
De rechtbank heeft beoordeeld of eiseres op 1 oktober 2021, 1 januari 2022, april 2022 en 1 juli 2022 in Nederland woonde en daarmee verzekerd was op grond van de Algemene Kinderbijslagwet (AKW). Volgens vaste rechtspraak is het beschikken over duurzaam ter beschikking staande woonruimte en de duur van het verblijf in Nederland belangrijke factoren voor het vaststellen van een duurzame band.
De rechtbank concludeert dat eiseres op de peildata niet beschikte over zelfstandige woonruimte en niet werkte, geen opleiding volgde, geen vrijwilligerswerk deed en geen lid was van een geloofsgemeenschap. Haar gezin was niet voltallig in Nederland en zij leefde van de WAO-uitkering van haar man. Deze omstandigheden leiden tot het oordeel dat geen duurzame persoonlijke band met Nederland bestond.
Ook het argument van eiseres dat zij zich definitief in Nederland zal vestigen wordt verworpen, omdat volgens vaste rechtspraak enkel de intentie niet voldoende is voor ingezetenschap. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en eiseres krijgt geen kinderbijslag noch vergoeding van griffierecht of proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat eiseres op de peildata geen duurzame persoonlijke band met Nederland had.