Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige belastingkamer van
[eiseres] , uit [vestigingsplaats], belanghebbende,
de heffingsambtenaar van Tribuut, de heffingsambtenaar.
Inleiding
Feiten
Beoordeling door de rechtbank
.Ter onderbouwing van deze waarden verwijst zij naar twee door haar overgelegde taxatierapporten van 25 juli 2022 opgemaakt door taxateur P. van As, waarin wordt geconcludeerd tot deze waarden.
- [adres 3] te [plaats 2], een aula, bouwjaar 1974, is op 12 juli 2019 verkocht voor € 175.000. Restwaarde uit transactie is 21,8%;
- [adres 5] te [plaats 3], een aula, bouwjaar deels 1970 en deels 1990, is op 19 februari 2018 verkocht voor € 300.000. Restwaarde uit transactie is 48,6%;
- [adres 6] te [plaats 4], een aula, bouwjaar 1924, is op 4 juli 2019 verkocht voor € 475.000. Restwaarde uit transactie is 17,0 %;
- [adres 7] te [plaats 5], een aula, bouwjaar 1985, is op 30 augustus 2019 verkocht voor € 170.000. Restwaarde uit transactie is 29,5%;
- [adres 8] te [plaats 6], een aula, bouwjaar 1987, is op 30 december 2019 verkocht voor 365.000. Restwaarde uit transactie is 40,9%.
Conclusies en gevolgen
Beslissing
- verklaart de beroepen ongegrond;
- veroordeelt de heffingsambtenaar om aan belanghebbende een vergoeding voor immateriële schade te betalen van € 500;
- veroordeelt de heffingsambtenaar tot het betalen van een proceskostenvergoeding aan belanghebbende van € 437,50.