ECLI:NL:RBGEL:2018:2857
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Ontslag op andere gronden wegens onherstelbare vertrouwensbreuk en verstoorde arbeidsverhoudingen
Eiser was vanaf 2013 secretaris/algemeen directeur bij Waterschap Vallei en Veluwe. Vanaf 2014 ontstond onvrede over zijn functioneren, vooral over het niet kunnen doorvoeren van noodzakelijke veranderingen en een passende leiderschapsstijl. Dit leidde tot een vertrouwensbreuk en verstoorde arbeidsverhoudingen binnen het directieteam.
Na diverse gesprekken en een draagvlakonderzoek werd eiser in mei 2016 geschorst en uiteindelijk per 1 maart 2017 ontslagen op andere gronden volgens artikel 8.10 van de SAW. Eiser betwistte het ontslag en stelde recht te hebben op een hogere ontslagvergoeding dan toegekend.
De rechtbank oordeelt dat het ontslag op zich rechtmatig is omdat voortzetting van het dienstverband niet van verweerder kon worden verlangd. Wel is het besluit over de ontslagvergoeding onrechtmatig omdat verweerder geen toereikende verbeterkans heeft geboden en een overwegend aandeel had in het ontstaan van de situatie. De rechtbank vernietigt het besluit over de vergoeding en kent een hogere vergoeding toe, gebaseerd op het bruto maandsalaris maal het aantal dienstjaren maal factor 1,0 minus de transitievergoeding.
Verzoeken om reputatieschadevergoeding en publicatie worden afgewezen. Verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten en moet het griffierecht vergoeden.
Uitkomst: Ontslag op andere gronden is rechtmatig, maar ontslagvergoeding wordt verhoogd tot bruto maandsalaris maal dienstjaren minus transitievergoeding.