Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de meervoudige kamer van 19 juli 2017
[eiser] , te [woonplaats] , eiser
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- vernietigt het bestreden besluit, voor zover het de opgelegde boete betreft;
Rechtbank Gelderland
Eiser ontving bijstand vanaf december 2012 en stond ingeschreven op een uitkeringsadres in Arnhem. Naar aanleiding van meldingen dat eiser niet op dit adres woonde, voerde de gemeente een onderzoek uit waarbij extreem laag water- en energieverbruik werd vastgesteld. Dit leidde tot intrekking en terugvordering van bijstand over de periode 2013-2016 en het opleggen van een boete.
De rechtbank oordeelt dat het lage verbruik een redelijke vooronderstelling rechtvaardigt dat eiser niet op het uitkeringsadres woonde, maar eiser slaagde er niet in dit te weerleggen. Hierdoor was intrekking en terugvordering van bijstand terecht. Ten aanzien van de boete stelt de rechtbank dat het enkele lage verbruik onvoldoende bewijs is dat eiser daadwerkelijk niet woonde op het adres. Verweerder heeft geen aanvullend bewijs geleverd, waardoor de boete onrechtmatig is opgelegd.
De rechtbank vernietigt het besluit tot boeteoplegging en herroept het primaire besluit dat de boete bevatte. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht. Het beroep wordt gegrond verklaard.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van bijstand worden bevestigd, maar de opgelegde boete wordt vernietigd.