ECLI:NL:RBGEL:2014:5692
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling belastingheffing valutawinst bij koopprijs aandelen en toepassing deelnemingsvrijstelling
Eiseres, een vennootschap die aandelen in [F] S.A. heeft gekocht, stelde beroep in tegen een aanslag vennootschapsbelasting over het jaar 2007. De kern van het geschil betrof de vraag of de valutawinst die ontstond bij de betaling van de koopprijs van de aandelen in USD onder de deelnemingsvrijstelling valt of belast moet worden.
De rechtbank oordeelde dat de earn-outregeling van artikel 13, lid 6, Wet Vpb 1969 niet van toepassing is omdat de koopprijs vaststond en alleen het tijdstip van betaling was uitgesteld. Hierdoor was er sprake van een schuld ter financiering van de deelneming, en het valutarisico had door eiseres afgedekt kunnen worden maar dat niet gedaan. De valutawinst is daarom belast.
Daarnaast oordeelde de rechtbank dat eiseres terecht een beroep deed op de tegenbewijsregeling van artikel 10a, lid 3, Wet Vpb 1969, omdat zij aannemelijk heeft gemaakt dat er een compenserende belastingheffing in Duitsland plaatsvindt. Dit beroep kan niet worden teruggenomen. Het beroep van eiseres wordt daarom ongegrond verklaard en ook het beroep tegen de heffingsrente wordt afgewezen.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de belastingheffing over de valutawinst wordt ongegrond verklaard.