ECLI:NL:RBDHA:2026:17711
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening Frankrijk
Eiseres, een Somalische alleenstaande moeder met een minderjarig kind, diende een asielaanvraag in Nederland in, die niet in behandeling werd genomen omdat Frankrijk op grond van de Dublinverordening verantwoordelijk is. De rechtbank behandelde het beroep op 28 mei 2026.
Eiseres voerde aan dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet geldt vanwege structurele tekortkomingen in het Franse opvangsysteem, verwijzend naar het AIDA-rapport 2025 en een arrest van het EHRM. Ook stelde zij dat zij als kwetsbare alleenstaande moeder extra garanties nodig heeft en dat de discretionaire bevoegdheid van de minister ten onrechte niet is toegepast.
De rechtbank oordeelde dat eiseres niet aannemelijk heeft gemaakt dat er sprake is van uitzonderlijke omstandigheden die het interstatelijk vertrouwensbeginsel doorbreken. Het recente AIDA-rapport en eerdere jurisprudentie bevestigen dat Frankrijk in algemene zin aan zijn verplichtingen voldoet. Ook is onvoldoende onderbouwd dat eiseres bijzondere opvangbehoeften heeft die aanvullende garanties vereisen. Ten slotte is het beroep op de discretionaire bevoegdheid niet geslaagd omdat geen bijzondere individuele omstandigheden zijn aangetoond.
Daarom blijft het bestreden besluit in stand en wordt het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen wordt ongegrond verklaard.