ECLI:NL:RVS:2015:3806
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- E. Steendijk
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende individuele garanties opvang
De staatssecretaris wees op 1 april 2015 de aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdeling stelde beroep in bij de rechtbank Den Haag, die het beroep gegrond verklaarde en het besluit vernietigde, met de opdracht aan de staatssecretaris een nieuw besluit te nemen.
De staatssecretaris ging in hoger beroep tegen deze uitspraak. Hij voerde aan dat de vreemdeling, ondanks haar leeftijd en medische problemen, niet onder de bijzondere kwetsbaarheid viel zoals bedoeld in het arrest Tarakhel van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, en dat zijn werkwijze bij overdracht voldoende waarborgen biedt om schending van artikel 3 EVRM Pro te voorkomen.
De Raad van State oordeelde dat het arrest Tarakhel niet beperkt is tot gezinnen met minderjarige kinderen, maar dat ook andere kwetsbare groepen onder bepaalde omstandigheden vergelijkbare garanties kunnen vereisen. In dit geval had de vreemdeling echter niet aannemelijk gemaakt dat zij zonder aanvullende garanties in Italië geen adequate zorg zou ontvangen. De werkwijze van de staatssecretaris, waarbij informatie over bijzondere behoeften wordt gedeeld en overdracht kan worden opgeschort, biedt voldoende bescherming.
Daarom werd het hoger beroep gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning wordt ongegrond verklaard.