ECLI:NL:RBDHA:2026:16595
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens verantwoordelijkheid Spanje onder Dublinverordening
Eiser, van Soedanese nationaliteit, diende op 16 oktober 2025 een asielaanvraag in Nederland in. Nederland stelde vast dat hij illegaal via Spanje het Dublingebied was binnengekomen en verzocht Spanje om zijn asielaanvraag te behandelen. Spanje aanvaardde dit verzoek. Verweerder nam de aanvraag niet in behandeling op grond van artikel 30 van Pro de Vreemdelingenwet 2000.
Eiser voerde aan dat Nederland het verzoek op grond van artikel 17 van Pro de Dublinverordening zelf had moeten behandelen, omdat het interstatelijk vertrouwensbeginsel jegens Spanje niet meer geldt. Hij verwees naar het AIDA-rapport 2024, een Europese inbreukprocedure tegen Spanje en zijn persoonlijke ervaringen, waaronder taalbarrières en gebrek aan toegang tot de asielprocedure.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht uitgaat van het interstatelijk vertrouwensbeginsel en dat eiser onvoldoende concrete aanwijzingen heeft geleverd dat hij bij overdracht aan Spanje een reëel risico loopt op een schending van artikel 3 EVRM Pro en artikel 4 Handvest Pro. De persoonlijke verklaringen van eiser zijn meegewogen, maar niet voldoende om het vermoeden te weerleggen. Ook de Europese inbreukprocedure en het AIDA-rapport leiden niet tot een ander oordeel.
De rechtbank concludeert dat verweerder niet verplicht was de aanvraag zelf te behandelen of individuele garanties te vragen aan Spanje. Het beroep is ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.