ECLI:NL:RBDHA:2026:10313
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening en medische risico's
De rechtbank Den Haag heeft het beroep van eiser tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie beoordeeld om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen omdat Spanje volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling.
Eiser stelde dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten onrechte werd toegepast vanwege tekortkomingen in Spanje, met name gezien zijn hartklachten en afhankelijkheid van cardiologische zorg. Hij voerde aan dat de minister onvoldoende onderzoek had gedaan naar de toegang tot medische zorg en geen individuele garanties had gevraagd.
De rechtbank oordeelde dat de minister terecht mocht uitgaan van het interstatelijk vertrouwensbeginsel en dat eiser onvoldoende concrete en objectieve gegevens had aangeleverd om dit te weerleggen. Ook was geen sprake van een reëel risico op een aanzienlijke en onomkeerbare verslechtering van zijn gezondheidstoestand bij overdracht aan Spanje, zoals vereist volgens het arrest C.K.
Verder stelde de rechtbank vast dat de minister niet verplicht was om op grond van artikel 17 van Pro de Dublinverordening de aanvraag aan zich te trekken, omdat eiser geen bijzondere individuele omstandigheden aannemelijk had gemaakt.
Het beroep werd ongegrond verklaard, waardoor het besluit van de minister in stand blijft en eiser geen proceskostenvergoeding ontvangt.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.