ECLI:NL:RBDHA:2023:12655
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening afgewezen
De rechtbank heeft het beroep van eiser tegen het niet in behandeling nemen van zijn asielaanvraag beoordeeld. Nederland had op grond van de Dublinverordening vastgesteld dat Spanje verantwoordelijk is voor de asielaanvraag en heeft een verzoek tot overname aan Spanje gedaan, dat is geaccepteerd. Eiser voerde aan dat het gebruik van een niet-beëdigde tolk onzorgvuldig was en dat de opvang in Spanje ondermaats is, met verwijzing naar het AIDA-rapport 2022.
De rechtbank oordeelde dat verweerder voldoende heeft gemotiveerd waarom een niet-beëdigde tolk is ingezet vanwege spoed en het ontbreken van een beschikbare registertolk. Eiser kon de tolk verstaan en heeft geen klachten geuit. Ten aanzien van de opvang in Spanje concludeerde de rechtbank dat het recente AIDA-rapport geen wezenlijk ander beeld geeft dan eerdere rapporten en dat er geen sprake is van structurele tekortkomingen die de hoge drempel van artikel 3 EVRM Pro bereiken.
Verder werd het beroep verworpen dat overdracht aan Spanje onevenredige hardheid zou opleveren vanwege gezinshereniging. De rechtbank vond dat verweerder terughoudend heeft gehandeld en dat de Dublinprocedure niet is bedoeld om gezinshereniging te bespoedigen. Eiser had ook zelf de verantwoordelijkheid om eerder in Spanje asiel aan te vragen. Het beroep is daarom ongegrond verklaard en eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.