ECLI:NL:RBDHA:2025:23787
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.S. Gaastra
- Rechtspraak.nl
Beëindiging tijdelijke bescherming Oekraïense derdelander en oplegging terugkeerbesluit
Eiseres, een derdelander uit Marokko met tijdelijke verblijfsvergunning in Oekraïne, kreeg facultatieve tijdelijke bescherming in Nederland na de invasie van Oekraïne in februari 2022. De minister beëindigde deze bescherming per 4 maart 2024 en legde een terugkeerbesluit op. Eiseres betwistte dit en stelde meerdere beroepen in tegen besluiten van 31 augustus 2023, 21 februari 2024 en 18 augustus 2025.
De rechtbank oordeelt dat het besluit van 31 augustus 2023 is ingetrokken en dat het beroep daarop daarom niet-ontvankelijk is. Het terugkeerbesluit van 21 februari 2024 is vervangen door het besluit van 18 augustus 2025, waardoor ook het beroep daarop niet-ontvankelijk is. Het beroep tegen het besluit van 18 augustus 2025 is ongegrond omdat de minister terecht de tijdelijke bescherming beëindigde en het terugkeerbesluit oplegde.
Eiseres voerde aan dat zij op toezeggingen mocht vertrouwen en dat het terugkeerbesluit een inbreuk op haar privéleven vormt. De rechtbank volgt dit niet, verwijzend naar uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak en het Hof van Justitie die bevestigen dat de tijdelijke bescherming op 4 maart 2024 rechtsgeldig eindigde en dat geen toezeggingen waren gedaan die anders doen gelden.
De rechtbank veroordeelt de minister in de proceskosten van eiseres. De uitspraak is gedaan door rechter A.S. Gaastra en griffier B. Voors op 11 december 2025.
Uitkomst: Beroep tegen intrekking tijdelijke bescherming niet-ontvankelijk; beroep tegen vervangend terugkeerbesluit ongegrond.